De christus van Elqui
Hernán Rivera Letelier
Dit boek heb ik al eventjes uit en vanaf die tijd ben ik aan het denken hoe je over dit verhaal een recensie kunt schrijven. Het is typisch zo'n boek waar je eigenlijk niets over moet zeggen maar gewoon moet lezen. Toch zal ik proberen weer te geven hoe het boek is maar bij voorbaat zeg ik al dat het boek mooier is dan ik hier weergeef.
De christus van Elqui heeft echt geleefd. Zijn werkelijke naam was Domingo Zárate Vega. Hij was een prediker die als een soort nieuwe Christus door Chili zwierf. De schrijver, zelf zoon van een amateurprediker, heeft het verhaal van deze 'christus' opgepakt en er zijn eigen invulling aan gegeven met als resultaat dit bijzondere boek.
De christus van Elqui is bij aanvang van het verhaal op weg naar het mijnkamp La Providencia in de Atacama-woestijn. Daar werkt de gelovige lichtekooi Magalena. Het is natuurlijk vreemd, een hoer die zwaar gelovig is maar volgens de verhalen is ze een halve heilige. Ze is heel devoot en bidt elke dag tot Maria. (Als zij met een klant bezig is krijgt het Mariabeeld een blauw kapje over haar hoofd.) De christus van Elqui besluit dat deze vrouw zijn apostel moet worden, zijn eigen Maria Magdalena.
De christus van Elqui heeft al eerder een vrouwelijke apostel gehad, een jong meisje dat eveneens zeer vroom was. Zij zag in hem de nieuwe christus en wilde hem volgen en bijstaan. Haar familie dacht er echter anders over, het meisje werd bij hem weggehaald en in een gesticht gestopt.
De christus van Elqui zwerft door de Atacama-woestijn om in de kampen rond de salpetermijnen het woord te verkondigen. Hiermee komt hij de belofte aan het sterfbed van zijn geliefde moeder na dat hij gedurende 20 jaar een zwervende prediker zou zijn.
Hij draagt een pij en oude versleten sandalen. Zijn eten bestaat uit wat mensen hem geven, hij zal er zelf nooit om vragen. Hij slaapt waar mensen hem een slaapplaats geven. en anders in de open lucht. Een bed hoeft hij niet, de grond is goed genoeg.
Maar nu is hij op weg naar La Providencia, onderweg blijft hij natuurlijk zijn verhaal en visie prediken. Mensen houden van hem en door het vuur waarmee hij praat zien ze hem ook als een nieuwe christus. Ze geven hem graag voedsel. De christus leeft geen celibatair leven. Hij slaapt en vrijt graag met vrouwen maar alleen als zij zichzelf aanbieden en dat doen de vrouwen, getrouwd of niet maar al te graag. Deze bevlogen man straalt iets uit waardoor zij allen als een blok voor hem vallen. De christus maakt er dankbaar gebruik van maar misbruikt ze niet.
Natuurlijk wordt de christus van Elqui ook bespot en in de maling genomen en een enkele keer wordt het hem te veel. Maar voor het merendeel denkt hij; als ik rijk was zouden ze me excentriek vinden, nu ik arm ben, ben ik gek... en haalt dan zijn schouders op en vervolgt zijn weg.
Tijdens zijn reis moet hij herhaaldelijk vragen waar la Providencia precies is, hij moet het spoor volgen wordt hem verteld maar als hij een vlinder volgt in haar dartele vlucht verdwaalt hij in de zinderend droge woestijn. Half hallucinerend van hitte en dorst en denkend dat zijn einde genaderd is ziet hij de wereld in al haar werkelijkheid en voelt zich gezegend door deze openbaring. Maar het was zijn einde nog niet. Hij word gevonden door 'de Gek met de bezem' die liefdevol in het huis van Magalena is opgenomen. En zo belandt hij uiteindelijk bij Magalena. Die niet op zijn voorstel in kan gaan omdat ook zij een belofte heeft na te komen.
Na de twintig jaar stopt zijn zwerversbestaan en verdwijnt hij in de vergetelheid. Zijn woord is niet meer nodig, er zijn nieuwe 'goden' opgestaan zoals de filmheld en het popidool...
Van deze schrijver ken ik het prachtige boek De filmvertelster die zich ook in de streek rond de Atacama woestijn afspeelt. In dat boek kwam eveneens de zinderende hitte, de mooie verhalen, het mysterieuze naar voren.
In dit boek gebeurt dat dus opnieuw en weet de schrijver ons mee te voeren naar een bestaan waar wij ons nu door zijn woorden een voorstelling van kunnen maken maar zelf niet kennen. De personages zijn uniek evenals de omgeving. De schrijver heeft het zuidelijke, ongrijpbare weten weer te geven dat ook de boeken van Marquez zo kenmerkt. Elk personage, hoe bizar ook, staat als een huis en je gaat van ze houden.
Door het verhaal heen wordt verteld over het leven van de christus van Elqui voor- en nadat hij ging prediken.
De taal die Hernan Rivera Letelier gebruikt is soms bijna zingend en sleept je mee het verhaal in. Werkelijk schitterend. De christus van Elqui zal vanaf nu als een onvergetelijk en uniek figuur in mijn hoofd gegrift staan.
De schrijver won met dit boek de Premio Alfaguara
ISBN 9789056723880 Hardcover met leeslint 280 pagina's | Signatuur | maart 2012
Prachtig vertaald door M. Vanderzee
© Dettie, 27 maart 2012
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
De filmvertelster
Hernán Rivera Letelier
Schrijven is schrappen wordt vaak gezegd. Hernán Rivera Letelier verstaat die kunst.
Als je dit prachtig gebonden boekje van 95 pagina's uit hebt, heb je het gevoel dat je een vuistdikke roman gelezen hebt.
In een paar woorden weet Hernán Rivera Letelier personages neer te zetten en een sfeer te creëren die je lang bijblijven.
De schrijver werd geboren in 1950 in Talca, in het zuiden van Chili, maar verhuisde al snel met zijn ouders naar het noorden, naar de Atacama-woestijn, de droogste ter wereld. Daar woonde hij in een mijnwerkersdorpje.
Dit boek gaat over die mijnwerkers, ze werken in de salpetergroeves. De meesten zijn straatarm en wonen in barakken. Zo ook de toen tienjarige Maria Margarita, de vertelster van dit verhaal. Samen met haar vader en vier broers proberen ze het hoofd boven water te houden. Na het ongeluk in de mijn waardoor haar vader invalide raakte is de vijfentwintig jaar jongere moeder vertrokken. Van vader mag niemand het meer over die 'gladde aal' hebben. Vader zelf drinkt sindsdien elke dag een fles wijn leeg, waar natuurlijk nauwelijks geld voor is.
Veel vertier is er niet in het kleine plaatsje maar er is wel een bioscoop waar films vertoond worden met Gary Cooper, Marilyn Monroe, Charlton Heston, of een Mexicaanse film vol liedjes.
Vòòr vaders ongeluk ging het hele gezin regelmatig naar de film.
'Vandaag draait er een met Audie Murphy,' zei mijn vader (in die tijd waren filmsterren het interessantste van de film). En dan trokken we onze mooiste kleren aan. En zelfs andere schoenen. Mijn moeder kamde het haar van al mijn broers. Ze kamde dat met citroensap en maakte er een kaarsrechte scheiding in. Behalve bij Marcelino, mijn jongste broer, die haar had dat even stug was als de manen van een paard en dat hoe je het ook kamde zich niet in het gareel liet brengen. Bij mij maakte mijn moeder met zwarte elastiekjes een paardenstaart die ze zo strak aantrok dat mijn ogen bijna uit mijn gezicht sprongen.
We gingen altijd naar de avondvoorstelling.
Helaas is na het ongeluk het inkomen dermate drastisch gedaald dat met het héle gezin naar de film gaan er niet meer in zit. Daardoor komt vader op het idee een wedstrijd te organiseren. Elk kind gaat om beurten naar een film en moet die navertellen, degene die het best de film kan navertellen wordt de officiële filmverteller. Tot haar grote geluk wint Maria Margarita, zij vertelt daarna vol passie en inlevingsvermogen, bijna als een volleerd actrice, elke film na. Ze kan zo goed vertellen dat mensen uit het dorp naar haar komen luisteren. Op school maakt ze atributen om het effect te verhogen zoals het masker van Zorro, of sluiers en tulbanden voor Arabische films, sombrero's voor Mexiaanse films maar ook de bolhoed, stok en het snorretje dat Charlie Chaplin gebruikte. Ze wordt een plaatselijke beroemdheid en verdient er zelfs wat geld mee. Ze wordt zo bekend dat ze bij mensen thuis gevraagd wordt maar helaas betekent dat het begin van het einde...
Het is knap om met zo weinig woorden zo'n indrukwekkend verhaal te schrijven. Je ziet het meisje in het armoedige huis vol vuur staan te vertellen met om zich heen de bewoners van het plaatsje, zittend op de grond of de oude gammele bank of de grote steen die de kinderen ook als zitplaats 'verkopen'. Je ziet de mensen buiten onder het raam zitten om toch vooral mee te kunnen luisteren. Je proeft de sfeer in de bioscoop waar de jongens de meisjes proberen te versieren. Tussen de regels door voel je het verdriet van Maria Margarita om het vertrek van haar moeder maar toch is het geen loodzwaar verhaal.
Het boekje is geschreven in de typerende sfeer die alleen Zuid-Amerikaanse schrijvers weten te bewerkstelligen. Het verhaal is ietwat melancholiek, ietwat gelaten maar gelukkig ontbreekt de humor niet. De schrijver weet met kleine, korte zinnetjes net die opmerkingen te maken waardoor het allemaal niet te zwaar wordt.
Het is een juweeltje van een boekje dat je iedereen cadeau zou willen geven. Voor de prijs hoef je dat in ieder geval niet te laten.
ISBN 9789056723507 Hardcover, gebonden met leeslint, 95 pagina's, Uitgeverij Signatuur januari 2011
vertaald door M. Vanderzee
© Dettie, 22 januari 2011
Lees de reacties op het leestafelforum en/of reageer, klik HIER