Non-fictie

Gerard Groeneveld

Rotterdam Frontstad
10-14 mei 1940
Gerard Groeneveld


Een prachtig door Brigitte Slangen vormgegeven boek ligt er voor mij. Het boek gaat over een gruwelijk onderwerp, het bombardement op Rotterdam. Het is rijkelijk voorzien van fotomateriaal dat de tekst voor de lezer nog meer tot leven doet komen.


Veel fotomateriaal komt uit fotoboeken van Duitse militairen. Vanaf pagina 273 is een katern opgenomen met situatiekaarten en diverse oorlogsdocumenten.  Onder de documenten ook het zeer recent door auteur Gerard Groeneveld via een Duitse veilingsite verworven document waarin de Duitse generaal-luitenant Schmidt onderhandelt over de overgave van de stad met de Nederlandse commandant, kolonel Pieter Scharroo. Het document was in eerste instantie niet getekend door Schmidt en Scharroo wilde zeker weten met wie hij te maken had. Daardoor liepen de onderhandelingen vertraging op met het dramatische bombardement van Rotterdam tot gevolg.


Het boek is, na de proloog, verdeeld in hoodstukken die de dagen van vrijdag 10 tot en met dinsdag 14 mei, de dag van het bombardement beschrijven. Op bladzijde 30 staat een overzichtsfoto van de omgeving van het dan nog ongeschonden deel van Rotterdam waar het de Duitsers om te doen was, de Maasbruggen.


De auteur vertelt ons in chronologische volgorde hoe deze vijf dagen verlopen zijn. Hij vertelt ons daarbij zowel het verhaal van Duitse zijde als van Nederlandse zijde, van de militaire kant en hoe de bevolking van Rotterdam deze dagen heeft beleefd. Vooral door dat laatste is de lezer in staat zich enigszins een voorstelling te maken hoe het moet zijn geweest tijdens deze dagen. De foto's die de persoonlijke verhalen voorzien van beeld doen de rest. Zeer indrukwekkend zijn de foto's op de bladzijden 234/235 en 236/237 van de enorme verwoesting kort na het bombardement.


Een aantal voorbeelden van de persoonlijke verhalen, omdat die de sfeer uit dit boek zo prachtig verwoorden wil ik u niet onthouden. Op 10 mei 1940 trekken Duitse troepen Rotterdam binnen nadat zij als parachutisten zijn gedropt, onder andere in Waalhaven. We lezen op bladzijde 55:


De [Duitse] parachutist die [de Nederlandse] sergeant B. de Raad gevangen heeft genomen, beveelt de Nederlander met hem mee te gaan om zijn parachute te bergen die in de boomgaard ligt. Hij blijkt bijzonder spraakzaam en vertelt De Raad dat hij 17 jaar is en dat dit zijn derde parachutesprong was. […] De Raad schrijft in zijn dagboek: Hij was heel vriendelijk […] deed zijn tasje open en deelde van de worst, de chocola en de cakes met mij, maar was ook nog steeds bang in een vreemd land en de strijd moest nu nog beginnen voor hem.


Ook op 10 mei een fragment uit een brief van fotograaf Menno Huizinga aan zijn vrouw: In het park was het net nog heerlijk frisch, prachtig jong groen overal. Bloeiende boomen rond de vijvers. Maar aangekomen bij de Maas kantelt dat  idyllische beeld beeld:


In de verte boven heel de linker Maasoever cirkelen groote Duitsche vliegtuigen, vele tientallen. Boven Waalhaven hing een enorme rookkolom, af en toe waren de toppen van een geweldige vuurzee te zien. Daar gaat je baantje, ging het door mijn hoofd en ook: daar gaat een deel van je mooie Leica-uitrusting in vlammen op.


Op 11 mei vindt onder andere het bombardement op het Noordereiland plaats. Marta Vogelbacher, wonende aan de Maaskade 158a schrijft:


Ik hoor een vliegtuig tamelijk laag boven ons en dan... Een daverende knal, alles spat uit elkaar, gekletter van stukken glas en kreunen, een schreeuw: “Bommen!” Zeven meter van het raam, waar ik eerst stond, vind ik mezelf terug, tegen de keukendeur aangeperst.


Met dit soort, zeer gedetailleerde ooggetuigenverslagen staat het boek vol en dat maakte het voor mij zeer de moeite waard om te lezen. Ik moest daarbij ook denken aan andere delen van de wereld waar onschuldige burgers zo'n zelfde situatie op dit moment opnieuw moeten meemaken, bijvoorbeeld in de stad Aleppo in Syrië. Het dak boven je hoofd wordt weggebombardeerd en de schaarste van gewone bestaansmiddelen ontstaat direct omdat de normale infrastructuur in je leefomgeving volledig is weggevaagd.  De persoonlijke verhalen in dit boek brengen zo'n situatie plotseling heel dichtbij.


Dat is voor mij ook de grote kracht van dit boek. Gewone Rotterdammers, die gewoon hun leventje leiden, worden plotseling opgeschrikt door geweld, waar zij niets tegen kunnen uitrichten. Over hun hoofden heen wordt iets uitgevochten waar zij niet om hebben gevraagd, sterker nog zij leefden in de veronderstelling dat 'de Duitsers' hen wel met rust zouden laten en ze, net als in de Eerste Wereldoorlog neutraal konden blijven en het aan hen voorbij zou gaan.


Daarnaast ook het leed van (jonge) Duitse militairen die door hun vaderland worden uitgezonden om deze missie uit te voeren en Nederlandse militairen die hierbij ongevraagd betrokken werden en daarbij ook de dood vonden of gewond raakten. Aangrijpend vond ik dan ook de foto op bladzijde 141 met de ondertitel Duitse gesneuvelden werden tijdelijk begraven op het Burgemeester Hoffmanplein. Op de foto een boom in een stadsparkje met onderaan de voet van de boom twee kruisen, een hoop zand en daarop twee Duitse helmen. Op de achtergrond een bankje waar omheen wat oude mannen uit de wijk nieuwsgierig om zich heen kijken wat hier allemaal gaande is. Twee militairen, gestorven voor 'de goede zaak'. Wie dit boek leest, weet het weer zeker, oorlog voeren is, zeker voor gewone burgers, nooit een goede zaak.
- In het programma De Groot en de Grote Rotterdammers vertelt Koos Postema over zijn herinneringen tijdens het bombardement op Rotterdam.  -


In dit boek vertelt Gerard Groeneveld niet alleen gedetailleerd hoe het tot dit bombardement kon komen, maar ook hoe kleine Rotterdammers deze dagen en het bombardement zelf hebben ervaren. Ik kan niet anders zeggen dan dat het een zeer lezenswaardig boek is geworden en, zoals ik hierboven al schreef zeer actueel als we naar andere delen van de wereld kijken.


Over de auteur: Gerard Groeneveld (Rotterdam, 1956) specialiseerde zich na zijn studie Nederlands in Leiden in het thema ‘collaboratie, propaganda en fotografie tijdens de Tweede Wereldoorlog’. Bij Vantilt publiceerde hij over deze onderwerpen de veelgeprezen studies Zwaard van de geest (2001), Kriegsberichter (2004), Heinz in Holland (2007) en Zo zong de NSB (2007). Als onderzoeksjournalist en recensent schreef hij voor onder meer NRC Handelsblad en de Volkskrant.


ISBN 9789460042584 | Gebonden | 318 pagina's | Uitgeverij Vantilt | 2016

© Ria, 9 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER