Gebre Zemichael & Gerda Crouset

De ijssalon van meneer Mebrat
Gebre Zemichael & Gerda Crouset


In mijn vorige woonplaats kreeg ik een nieuwe buurman, een vluchteling. Hij was afkomstig uit Eritrea en was tien jaar onderweg geweest om uiteindelijk, tot zijn grote vreugde, een woning toegewezen te krijgen. Eindelijk had hij een eigen plek! Al snel kregen we contact, en langzamerhand kwamen de verhalen los. Heel voorzichtig vertelde hij wat hij onderweg allemaal gezien en meegemaakt had. Hij was bang om het ons te vertellen want hij wilde ons niet van streek maken! Maar wat hij zo mondjesmaat vertelde was onvoorstelbaar. Vooral wat mensen elkaar kunnen aandoen uit winstbejag is ronduit schokkend.

In dit boek vertelt Gebre, een zestienjarige jongen, over zijn aangrijpende vlucht naar Europa die hij samen met zijn dertienjarig neefje Hayat ondernam. Hij had namelijk de gevreesde brief gehad, waarin de oproep stond om in dienst van het Eritreese leger te treden. Dat in dienst gaan, betekende hetzelfde als levenslang. Als je geluk had was je een paar jaar in dienst maar voor het merendeel kwam je nooit meer uit dat leger. Weg vrijheid, weg eigen dromen, weg eigen mening, weg eigen inbreng. Weg eigen leven. Er is daar geen leven...


Jarenlang zou ik in staatsdienst blijven. Misschien wel voor het leven. Over het salaris bestond geen misverstand. Een mager soldijtje of in het ergste geval helemaal niks. De overheid ging me inzetten voor alles wat noodzakelijk was om de veiligheid van ons land en de jarenlange heropbouw te garanderen. En elke Eritreeër wist dat op dienstweigering of desertie maar één antwoord mogelijk was.


Met bloedend hart vertrekken de twee jongens lopend uit Asamara, ze hopen dat ze ooit hun ouders, broers en zussen, opa's en oma's weer zullen zien. Maar eerst moeten ze veilig in Europa moeten zien te komen en dat is al een heel gevaarlijke onderneming. Maar alles is beter dan blijven en overgeleverd te zijn aan de grillen van de leidinggevenden in het leger.


Als eerste moeten ze de ongezien over de grens weten te komen. We kunnen hun schokkende reis volgen op het bijgevoegde landenkaartje en zien dan gelijk hoe ver en zwaar die tocht is. De reis loopt vanaf Eritrea, dwars door Soedan, via Libië naar Lampedusa en uiteindelijk Reggio in Italië.


De voettocht die je jongens ondernemen loopt van Asmara naar de grens van Soedan. Ze slapen in de buitenlucht, een enkele keer geholpen door goedwillende Eritreese mannen en vrouwen die hun van water en voedsel voorzien. Het is slapen - lopen - slapen - lopen. Uiteindelijk belanden ze in Teseney, de stad aan de grens van Soedan en Eritrea. Als het ze lukt ongezien de grens over te gaan, kunnen ze naar vluchtelingenkamp Shagarab.
En het lukt ze, op het nippertje! Ze kijken reikhalzend naar het kamp uit, eindelijk douchen en goed eten en drinken!

Maar dat was wel een heel rooskleurig voorstelling. Een van de eerste dingen die ze moeten doen, is om geld vragen aan hun ouders om de vluchtelingenstatus aan te vragen... En dat geld vragen zal als een rode draad door hun vlucht heen lopen. Iedereen wil geld verdienen aan de vluchtelingen. Inmiddels bereikt Gebre ook het nieuws dat zijn vader opgepakt is, vanwege de vlucht van de twee jongens én Kifle, de oudere broer van Gebre. Hij is via Egypte gevlucht en zit nu in Tel Aviv.


Het is ook Kifle die zorgt voor het geld en na 5 maanden kamp,  waarin vooral Gebre op hardhandige wijze geconfronteerd werd met het gezag, kunnen de jongens verder naar Khartoem. En daar werken ze keihard om het geld bij elkaar te sprokkelen voor de oversteek naar Europa. Met financiële hulp van hun broer redden ze het allemaal net.


We werkten als bordenwasser in restaurantkeukens, maakten kantoorpanden schoon, of vouwden kartonnen dozen in sombere fabrieksruimtes. De baantjes waren weggelegd voor illegalen, bij weinigen in trek, leverden niet veel op, maar wij waren er blij mee. Niemand schold ons uit, niemand mishandelde en treiterde ons, niemand dwong ons dingen te doen die we niet wilden.


Ondertussen voelt Gebre zich enorm schuldig, wat doet hij zijn ouders aan? Het snijdt hem door zijn ziel dat zijn vader nog steeds opgepakt is. Redt zijn moeder het wel zo alleen? De heimwee, het verdriet is af en toe bijna gekmakend. Op de meest onverwachte momenten ziet hij zijn zusje of ouders voor zich en het gemis snijdt door hem heen.

Uiteindelijk is het enorme bedrag (8000 euro) voor de oversteek bij elkaar geschraapt, met veel hulp van Gebre's broer. En dan begint de meest verschrikkelijke tocht die de twee jongens voor altijd bij zal blijven. Ze moeten in een met zeildoek overdekte vrachtwagen dwars door de Sahara naar Tripoli. Op die bloedhete reis gebeuren dingen die te vreselijk zijn om mee te maken. Dit had ik ook gehoord van mijn buurman en de verhalen in dit boek bevestigen welke afschuwelijke dingen de vluchtelingen moeten zien en ondergaan voordat zij in een vrij land kunnen leven. Het erge voor de twee jongens is dat ze niet in Tripoli  zijn beland maar naar Ajdabija zijn gebracht. Om naar Tripoli te kunnen om daar de oversteek naar Europa te maken, willen de mensensmokkelaars wéér geld zien, geld voor de overtocht die al betaald was...

Het is misselijkmakend om te lezen hoe de begeleiders van de vluchtelingen zich onderweg gedragen. Niet alleen naar de vluchtelingen toe qua taal en gedrag, maar ook qua voedsel en drinken zijn ze afschuwelijk. Een hart lijken ze niet te hebben, alles draait om geld. Voor jou, tien anderen.

Dat het verhaal verteld wordt bewijst dat de jongens - na zes jaar - Europa gehaald hebben. Maar voor ze in Amsterdam belanden gaat er ook nog een heel heftig verhaal aan vooraf. Je hoopt tijdens het lezen heel erg dat de jongens er zonder kleerscheuren vanaf zullen komen en uiteindelijk hebben ze hun doel ook bereikt, maar de inwendige littekens zullen blijvend zijn...

Vrijheid is voor velen een woord. Ik zie vrijheid als energie die ik met anderen deel en waarbinnen ik mijzelf kan zijn. Voor die vrijheid heb ik mijn leven willen riskeren.

Dit verhaal zou iedereen moeten lezen, vooral de mensen die liever geen vluchtelingen in Europa willen zien...


ISBN 9789061004813 | Paperback | 220 pagina's | Uitgeverij Ad. Donker | januari 2020

© Dettie, 12 september 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER