 |
|
|
|
|
 |
 |
 |
 |
Perenbomen bloeien wit
(jeugdversie wordt roman voor volwassenen).
In 1999 schreef Gerbrand Bakker het jeugdboek: Perenbomen bloeien wit. Het werd vertaald in het Duits en er verscheen zowel
in Nederland als in Duitsland een tweede druk van. Toch kenden maar weinigen dit boek. Na het succes van zijn eerste roman
voor volwassenen (Boven is het stil) leek het zijn uitgever een goed idee dit jeugdboek om te vormen tot een roman voor volwassenen.
Men moet het ijzer smeden als het heet is, nietwaar?
In interviews werd uiteraard met enige regelmaat gevraagd naar de aard van de aanpassingen. En in recensies van de herziene
uitgave werd gesuggereerd dat er sprake was van het bewerken van een “kinderboek”. Gerbrand Bakker hield steeds
vol dat het om een klein aantal, niet belangrijke wijzigingen ging. En dat het van oorsprong een boek voor jongeren was, geen
kinderboek. Om zelf mijn conclusies te kunnen trekken, besloot ik om de 1e versie naast de huidige te leggen en dat leverde
toch wel een interessant beeld op.
Mijn eerste conclusie moet zijn, dat het boek op meer plaatsen aangepast is, dan gesuggereerd wordt. Op tientallen plekken
zijn er kleine verschillen tussen beide uitgaven. Een enkele maal zijn die niet echt van belang: guldens worden euro's, jaartallen
en dagen van de week zijn aangepast. De naam van moeder is van Marianne veranderd in Marian (stond wat minder lief, volgens
G.B.). De meeste veranderingen zijn echter vooral van belang voor de stijl: er is het nodige ingekort, bondiger opgeschreven.
Daardoor lijkt de nieuwe versie qua stijl meer op Boven is het stil.
Mijn tweede conclusie is: Het was van oorsprong al een geschikt boek voor volwassenen (eventueel jongeren). Hier en daar werd
extra uitleg gegeven over een “moeilijk begrip”. Het laten vervallen van deze korte uitleg (bv. "Braille, is dat
niet een stippeltjestaal, lezen met je vingers?" ) doet niets aan het verloop van de tekst of het verhaal af. Dit soort uitleg
werd waarschijnlijk nuttig geacht voor een jeugdboek, maar kon in het boek voor volwassenen zonder problemen weggelaten worden.
Waarmee het niet alleen (weer) een roman voor volwassenen werd, maar ook een echte Bakker: kort en bondig, helder en toch
suggestief.
Al met al is de tweede versie een volwaardige opvolger geworden voor Boven is het stil. Dat komt mooi naar voren in het opmerkelijkste
verschil: Aan het eind van de oude versie wordt door de tweelingbroers nog gefilosofeerd over de vraag of de dood van Gerson
wellicht géén ongeluk was. In de tweede versie wordt dat niet meer te berde gebracht. Daar mag de lezer dat
zelf afwegen nadat
hij het boek dichtgeslagen heeft. Echt Bakker dus!
Amsterdam, Pyramide, 1999. Paperback, 143 p. Isbn: 90-245-3645-6 (jeugdboek)
Hardcover | 137 Pagina's | Cossee, Uitgeverij , 2007
ISBN10: 905936063X | ISBN13: 9789059360631 (volwassenenboek)
©Librije, juli 2007.
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
 |
|
Boven is het stil Wat een mooie, toepasselijke titel en wat een ijzersterk
debuut!
'Ik heb vader naar boven gedaan' is de openingszin van het verhaal. Met deze actie begint de verandering voor Helmer, een
55 jarige boerenzoon. Vader, een oude bedlegerige man, wordt boven in een slaapkamer geïnstalleerd met alle schilderijtjes
en slaande klok en Helmer gaat beneden wonen en slapen. Vader wordt door hem verzorgd maar daar is dan ook alles mee gezegd. Helmer
knapt beneden alles op en richt het in naar zijn smaak. De enige wandversiering is een kaart van Denemarken, de droom,
ooit wil hij daarheen, daar eventueel een bedrijf beginnen en vooral vrijheid en ruimte hebben... Helmer is de oudste helft
van een tweeling. Zijn broer Henk is 35 jaar geleden echter omgekomen bij een ongeluk welke veroorzaakt werd door Henks vriendin
Riet. Daardoor moest Helmer stoppen met zijn studie Nederlands en het boerenbedrijf in. Henk was vaders lieveling, de verstandhouding
tussen Helmer en zijn vader is niet geweldig. Helmer behandelt zijn vader bijna onbeschoft. Ze zeggen het hoognodige tegen
elkaar: "Ik heb een appel voor je," zeg ik.
"Koud, " zegt hij.
"Ja, het vriest."
Maar toch zijn er ontroerende momenten die extra impact hebben door hun anders zo stugge gedrag. En dan komt er een
brief van Riet met het verzoek of haar onhandelbare zoon Henk een tijdje bij hem mag komen wonen..... Riet was voor Helmer
de stoorzender, degene die zijn broer afgenomen had. Hij en zijn broer waren een twee-eenheid, één lichaam,
één geest. "We hoorden bij elkaar, we waren twee jongens met één lijf." Door
haar komst werden zij twee aparte personen.
"Ik heb ze gezien" zei ik tegen zijn rug.
"Je broer en die griet?"
"Ja".
"Het is beter zo, denk ik," zei hij
"Wat bedoel je?"
"Je bent niet je broer."
"Nee, natuurlijk niet."[...]
"Ik weet niet precies hoe dat gaat bij tweelingen, "zei hij, "Maar ik kan me voorstellen dat ze toch een keer uit elkaar moeten."
Helmer gaat toch in op het verzoek van Riet en de komst van Henk veroorzaakt bij Helmer een mix aan gevoelens. Langzamerhand
veranderen dingen en kan Helmer bepaalde zaken onder ogen zien, wat hij eigenlijk al eerder had moeten doen.
Het verhaal wordt zonder een woord teveel verteld. Dat kan ook haast niet anders bij een stug persoon als Helmer Onderhuids
gebeurt er veel maar dat wordt niet uitgesproken. Dat is ook de kracht van het verhaal. Het is subtiel maar toch helder. Het
is een verhaal over vergankelijkheid, nieuwe kansen, vriendschap en liefde. Niet echt na te vertellen, gewoon zelf lezen en
de mooie sfeer proeven.
Prachtig debuut! Hardcover | 264 Pagina's | Cossee, Uitgeverij | 2006
ISBN: 9059361067 © Dettie april 2006 Voor meer informatie over Gerbrand Bakker, klik op de afbeelding van het
boek
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
|
|
 |
 |
 |
 |
 |
|
 |
|
Perenbomen bloeien wit
De tweeling Klaas en Kees en hun jongere broertje Gerson wonen met hun vader in een dorpje op het Hollandse platteland. Hun
moeder is er vandoor met een Italiaan. Ze missen haar allemaal, maar spreken daar zelden over. Ze hebben een hondje, Daan,
dat eigenlijk alleen naar Gerson luistert. Ze spelen graag “Zwart” (blindemannetje), een spel dat na een auto-ongeluk
een wrange realiteit wordt voor Gerson. Niemand weet hoe daar mee om te gaan, ook Gerson zelf niet. Met rampzalige gevolgen.
In 1999 schreef Gerbrand Bakker een jeugdboek met de titel: Perenbomen bloeien wit, dat ook in het Duits vertaald werd. Van
beide uitgaven verscheen een tweede druk, maar het had in Duitsland meer succes dan hier. Na het overdonderende succes van
Bakkers eerste roman voor volwassenen: Boven is het stil, besloot zijn uitgever tot een heruitgave van Perenbomen bloeien
wit. Met enige aanpassingen, zodat het aangemerkt zou kunnen worden als een boek voor volwassenen.
Het is moeilijk dit boek te beoordelen zonder rekening te houden met deze voorgeschiedenis. Er zitten zeker nog elementen
in die het geschikt maken voor de oorspronkelijke doelgroep: jongeren (het is zeker géén kinderboek, zoals een
recensent meende
te moeten beweren), zoals de vrij korte zinnen, de duidelijke taal en de leeftijd van de hoofdpersonen: jongeren identificeren
zich nu eenmaal gemakkelijker met leeftijdgenoten, dan met vijftigers. Maar daarmee is nog niet gezegd dat dit boek voor volwassenen
niet aantrekkelijk zou zijn.
Nu we weten dat het schrijven van dit boek vooraf ging aan Boven is het stil kunnen we het op die manier beoordelen: als een
vingeroefening voor Boven is het stil. Al gaat het om een totaal ander verhaal, toch zijn er overeenkomsten. De omgeving:
het Hollandse polderland, een tweeling, een ongeval met trieste gevolgen, een gezin zonder moeder, het onvermogen gevoelens
te uiten, elkaar te bereiken. Ook de stijl is vergelijkbaar: korte, afgemeten dialogen, de wanhoop, het verdriet, de onmacht
schilderen zonder ze te benoemen, een lichte toon, waaronder het drama sluimert, sfeervolle beschrijvingen van de plattelandsomgeving.
Dat alles is de opmaat naar Boven is het stil.
De structuur van het boek en de compositie van het verhaal spelen een belangrijke rol. De spanning wordt o.a. opgebouwd via
vooruitwijzingen. Het perspectief is, heel apart, vaak “wij”, waarmee meestal de tweeling als eenheid optreedt.
Het benadrukt de eenzaamheid die het jongere broertje ook vroeger al, maar na het ongeluk zeker, voelde. Sommige hoofdstukken
zijn cursief gedrukt en hebben een “ik”-perspectief: hier is Gerson aan het woord. Wie blind is, kan zijn blik
niet naar buiten richten. Tijdens zijn coma, maar ook later, als hij beseft, dat hij nooit meer zien zal, zit hij opgesloten
in zichzelf. Die gedachte wordt benadrukt door dit perspectief en de afwijkende typografie.
“Toen ik in het ziekenhuis lag, was ik nog niet echt blind. Dat kwam pas toen ik thuis kwam en ik wist dat ik altijd
thuis zou blijven. Thuis, dit huis, is een kooi. Een duistere kooi waaruit ik misschien nooit ontsnappen kan. Klaas en Kees
zijn vriendelijke, zachtaardige bewakers. Gerard (zijn vader) is een iets minder vriendelijke bewaker. Hij brengt onrust,
hij stelt vragen, hij wil me dwingen tot keuzes. Ik wil uitstellen, ik wil niet vooruit denken. Ik wil niets. Ik wil rust”.
Het verrassende ik-perspectief van het hondje Daan tenslotte laat ruimte voor een eigen interpretatie van de gebeurtenissen
aan het eind van het verhaal.
Natuurlijk zitten we allemaal vol spanning te wachten op de opvolger van Boven is het stil. Maar het is toch goed kennis te
nemen van deze voorganger. Dit beklemmende en tegelijkertijd ontroerende verhaal kan ik jong en oud van harte aanbevelen.
Amsterdam, Cossee, 2007. Geb., 2e dr., 137 p. isbn: 978-90-5936-063-1 © Librije, juni 2007.
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
Boven is het stil
"Ik heb vader naar boven gedaan"
De eerste zin van het boek. Een kort zinnetje waar een heel verhaal achter
zit. De ik-figuur is Helmer, een man van net boven de 50. Zijn vader is dus
ook al op leeftijd, en bovendien hulpbehoevend aan het worden. Helmer vindt
dat hij zijn leven lang onderdrukt is geweest, en nu ziet hij zijn kans. Hij
brengt de man 'buiten beeld' en kan eindelijk zijn eigen gang gaan.
Hij gooit oude meubels weg en verft de benedenboel van de boerderij waar ze
met z'n tweeën wonen. De moeder is al enkele jaren dood.
Helmer had een tweelingbroer, Henk. Helmer beschouwde hen als twee-eenheid.
Dat Henk daar niet zo overdacht, werd hem ruw aan het verstand gebracht toen
Henk een vriendin kreeg. Tot dan toe had Helmer er niet zo mee gezeten dat
Henk duidelijk de lieveling was van zijn vader. Ook niet dat Henk de
boerderij over zou nemen, al was Helmer de oudste. Hij studeerde Nederlands
en had een vriend in de knecht, Jaap.
Dan krijgen Henk en de vriendin een ongeluk, Henk overlijdt. En alles wordt
anders: de knecht wordt weggestuurd, hij moet zijn studie opgeven, en de
boerderij gaan bestieren. Hij zegt niets, doet wat zijn vader wil, maar nu
die vader oud en ziekelijk is, grijpt hij de gelegenheid aan om zijn eigen
dromen waar te maken. Maar heeft hij nog wel dromen?
En wat kan hij nog waarmaken?
Een streekroman, omdat het de sfeer weergeeft van het boerenleven in een
streek in Noord-Holland, maar het is veel meer dan dat.
Het schept een beeld van een boerengezin waar praten over gevoelens niet de
gewoonte is, waar gedaan wordt wat gedaan moet worden zonder tegenspreken.
Maar het is ook het verhaal van een man die na zoveel jaren van tegen zijn
natuur in leven, eindelijk probeert zich vrij te maken en een eigen weg te
vinden. Hardcover | 264 Pagina's | Cossee, Uitgeverij | 2006 ISBN: 9059361067
© Marjo
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
|