Boekenarchief C-D

Adeline Dieudonné

http://www.adelinedieudonne.com

 

Het echte leven
Adeline Dieudonné


‘Bij ons thuis waren er vier kamers. Die van mij, die van mijn broertje Gilles, die van mijn ouders en die van de kadavers.’


Die kamer met de kadavers speelt een grote rol in het verhaal. Er staan allerlei opgezette dieren, vaak door de vader van het gezin zelf geschoten. Een ervan is een hyena.


‘Hij mocht dan wel opgezet zijn, ik wist zeker dat hij leefde, en hij genoot van de angst die hij wekte in elke blik die de zijn kruiste’.


Niet alleen de hyena is angstaanjagend, de vader is een sadistische man, gedreven door een algemene haat voor vrouwen, die zelfs voor het jonge meisje al duidelijk is. Zij vraagt zich af hoe het kan dat zij en haar broertje er eigenlijk zijn, zo liefdeloos is de relatie tussen haar vader en haar moeder. Maar ze weet ook: als Gilles een meisje was geweest, had haar moeder er nog een keer aan moeten geloven.
Als het verhaal begint is de verteller tien jaar. Haar broertje is zes. Ze zijn dol op elkaar – bij gebrek aan beter.


Een gruwelijk en dramatisch voorval verandert hun leven. Vanaf dat moment veranderen beide kinderen: het broertje lijkt zodanig afstand te nemen van de wereld dat het licht in zijn ogen dooft. Het meisje besluit dat zij de enige is die iets kan doen, ze kan niet lijdzaam toekijken. Ze is vastbesloten haar broertje te redden en aangezien haar ouders niets in de gaten hebben, probeert ze er mensen uit de omgeving bij te betrekken zonder dat zij weten wat haar bezielt. Als het meisje nog zo jong is dat ze in sprookjes gelooft is daar Monica, een vrouw die teruggetrokken in het bos woont en in de ogen van het meisje een soort heks is. Toverkracht kan ze wel gebruiken! Als ze ouder wordt en naar de middelbare school gaat, komt de wetenschap in beeld. Dan is er de fysicus die maar al te graag al zijn kennis overbrengt aan het leergierige meisje. 
En er is het jonge gezin, waaraan ze de warmte en de liefde onttrekt die ze thuis moet missen.
Haar moeder leeft doorlopend in angst. Terecht, want zij wordt mishandeld. Haar uitlaatklep zijn de geitjes waar ze dol op is.


‘Ik hield van de natuur en haar volmaakte onverschilligheid. Van de manier waarop ze haar nauwkeurige overlevings- en reproductieplan uitvoerde, wat er bij ons thuis ook gebeurde. Mijn vader sloeg mijn moeder verrot en de vogels trokken zich er niets van aan. Dat vond ik troostend. Ze gingen door met tsjilpen, de takken kraakten, de wind zong in de bladeren van de kastanje. Ik bestond niet voor hen. Ik was gewoon een toeschouwer. En dat stuk speelde doorlopend. Het decor veranderde met de seizoenen, maar elk jaar was het dezelfde zomer, met zijn licht, zijn geuren en met de bramen die aan de braamstruiken groeiden langs de weg.‘


Het meisje ziet hoe haar broer steeds meer afglijdt, terwijl de jaren voorbijgaan. De sfeer in huis wordt steeds grimmiger. Zelf wordt ze natuurlijk ook ouder: seksuele gevoelens ontwikkelen zich, ze wordt verliefd (ook al niet op een ‘normale’ manier) terwijl haar kennis toeneemt en ze ook meer inzicht krijgt in de wereld om haar heen. Als haar wrede ontoerekenbare vader thuis komt te zitten neemt de dreiging van de hyena toe - ‘die haar broertje steeds meer in zijn macht krijgt.’- net als de angst van haar moeder die zich steeds meer in zichzelf terugtrekt, terwijl er tegelijk een toenadering lijkt te zijn als het oog van haar vader ook op het meisje valt. De apotheose volgt na een schokkende scene.


Adeline Dieudonné roept op iedere pagina, met iedere zin, een duistere sfeer op met een prachtige woordkeus. Haar taal is beeldend, waardoor het verhaal nog heftiger wordt. Wat aanvankelijk lijkt op een verklaring: 'hoe kweek je een psychopatische moordenaar ' krijgt een bizarre maar gelukkig toch hoopvolle wending.


‘Het enige wat ze kon hopen was dat alle woede van mijn vader eruit zou komen als geschreeuw. Of liever: als gebulder. Zijn stem ontplofte, sprong uit zijn keel om mijn moeder te verslinden. Zijn stem reet haar aan stukken, verscheurde haar om haar te doen verdwijnen. En daar was mijn moeder het mee eens. Verdwijnen. En als het gebulder tekortschoot, kwamen de handen te hulp. Tot mijn vader al zijn woede had ontladen. Mijn moeder lag dan altijd op de grond, roerloos. Ze zag eruit als een lege kussensloop.’
‘Mijn moeder keek als een koe die net het onzekerheidsprincipe van Heisenberg heeft uitgelegd gekregen.’
’Als een gordijn van donker fluweel had de stilte zich weer over de nacht gelegd.’


Adeline Dieudonné (1982) is een Belgische theatermaker en schrijver.
Haar debuut Het echte leven heeft reeds vele prijzen gewonnen en zal verfilmd worden.


ISBN 9789025454647 | paperback | 208 pagina's | Uitgeverij Atlas Contact | augustus 2019
Uitstekend vertaald uit het Frans door Kris Lauwerys en Isabelle Schoepen

© Marjo, 10 oktober 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER