 |
|
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
 |
Het poppenhuis
Christa Carbo
Als kind ging ik elke zondag wandelen met mijn vader. Ik woonde in Amsterdam-Noord en het was feest als we richting de pont
wandelden.
Dat betekende dat we naar de stad gingen. Meestal liepen we dan wat rond en vertelde mijn vader over de geveltjes, dat was
een trapgevel, dat een klokgevel, of hij wees op mooie beelden aan die gevels... Maar één keer nam hij me mee
naar het Rijksmuseum.
Je dacht dat je minstens in een paleis was, zo mooi was het. Maar het aller- allermooiste was het poppenhuis. Ik kon er geen
genoeg van krijgen. Dat poppenhuis stond in m'n geheugen gegrift, en nu.... heb ik het poppenhuis thuis!
Het is echt een prachtig boek, alleen van de buitenkant al. Het aparte is dat je het boek niet aan de zijkant openslaat
maar in het midden, het is net of je de deuren van het poppenhuis zelf opendoet. En als je het dicht doet klinkt het ook alsof
je
het écht
dicht doet, er zit namelijk een magneetband achter de 'openslaande kastdeuren'. Eenmaal de deurtjes opengemaakt dan zie
je het poppenhuis
weer maar dan verdeeld in zes 'blokken'.
Linksboven het eerste 'blok'. De kleerzolder en de turf en provisiezolder.
Dit 'blok' bestaat uit zes stevige pagina's. Sla je de 'pagina' om dan zie je links een tekst met uitleg in Nederlands en
Engels en rechts een foto. Sla je die pagina weer om dan zie je rechts dezelfde foto maar dan is één voorwerp
extra uitgelicht
en links staat weer een uitleg. En zo zijn er 6 voorwerpen of bijzonderheden die extra aandacht krijgen.
Rechtsboven is het 'blok' van de kinderkamer. Er wordt verteld dat er echte schilderijen in hangen geschilderd door meester-schilder
Cornelis Dussart. In de kast ligt wat kinderondergoed en gebreide kousen van zijde.
En zo kan je alle kamers van het poppenhuis bezoeken. Er staan in de toelichting allerlei leuke weetjes over hoe de rijke
mensen toentertijd leefden. Wat voor spellen ze speelden, hoe de meubels gebruikt werden, over de pronkkeuken en de kookkeuken,
het secreet, het comptoir, (later werd dat woord veranderd naar kantoor) hoe er gestreken werd enz.
Aan de binnenkant van de 'poppenhuisdeur' wordt verteld over Petronella Oortman, de eigenaresse van het poppenhuis. Verder
hoe het
poppenhuis tot stand is gekomen, welke materialen zijn gebruikt en hoe populair het poppenhuis toentertijd al was. "Al
snel kloppen toeristen bij de familie aan om naar het 'uytmuntend konstwerk' te kijken."
Verteld wordt dat alles natuurgetrouw nagemaakt is tot de bezem aan toe, die was van hout en varkenshaar, sommige bezems
zijn zelfs schuin afgesleten alsof ze vaak gebruikt zijn.
Het is echt schitterend om te zien en lezen. Ik heb, net zoals vroeger, opnieuw vreselijk genoten. Een aanrader met ster dit
boek!!
ISBN: 978 90 468 9031 6
Hardcover met veel illustraties
Aantal pagina's: 36
Leeftijd: vanaf 8 jaar
Afmetingen: 27,8 x 31,6 cm
Een uitgave van het Rijksmuseum en Nieuw Amsterdam Uitgevers
Voor meer informatie klik op de afbeelding van het boek. ©Dettie mei 2008
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
|
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
 |
Mol
Ting Morris
Dit boek is een en al illustratie, met mooie tekeningen over de mol en zijn
leven.
Daarop staat de tekst die vertelt wat je ziet en extra uitleg geeft. Over de
relatie tussen man mol en vrouw mol, die dus niet bestaat, behalve dat
eventjes dat ze toch nodig hebben om voor nageslacht te zorgen.
De kinderen mol komen er ook maar bekaaid van af: ze worden na een week of
zes zonder pardon hun nest uitgeschopt, en helaas slagen ze er niet allemaal
in om een eigen leven op te bouwen. Want zij die vooral wormen eten zijn
zelf weer de prooi van grotere dieren. En tja, daar kunnen we niet omheen:
ze leven dan wel onder de grond, maar die molshopen verraden waar ze
zitten.. .en soms moeten ze toch naar boven.
Het is een heel mooi vormgegeven boek, met duidelijke informatie. Het is al
geschikt voor jonge kinderen omdat de illustraties het verhaal eigenlijk al
vertellen. En de teksten zijn makkelijk leesbaar. Kort maar krachtig.
In deze serie verschenen ook nog boeken over konijn, eekhoorn, muis,
pinguïn, slang en nog veel meer.
isbn 90 5566-2-02 X 30 pagina's
Met illustraties
uitgegeven door 30 pagina's
Met illustraties
i30 pagina's
Met illustraties
uitgegeven door Ars Scribendi in de serie 'dieren allerlei', (non-fictie voor 6 tot 12) Vertaling: Karin Beneken Kolmer
© Marjo maart 2008
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
 |
Jakkes!
een groot boek over kleine griezels
Robert Snedden
Als je goed kijkt naar de foto's in dat boek en leest wat het eigenlijk is,
dan lopen soms de rillingen over je lijf. Getver, al die griezelig uitziende
'beesten' zijn wezens, die je constant om, op , over en in je hebt...
Terwijl ik dit tik kruipen ze over het toetsenbord, sla ik er ongetwijfeld
dood. Dat maakt niet uit, er zijn er miljoenen, of nog meer...
Er staan levensgrote foto's in van microscopisch kleine beestjes, die we
allemaal kennen: mijten, vlooien, luizen (en neten) , bacteriën en nog veel
meer. Ze zijn vaak flink vergroot, 50 tot 80 keer, maar soms moeten ze ook
wel meer dan 1000 keer vergroot worden om er iets van te kunnen zien. Dat is
maar goed ook, want nu kan ik weer snel vergeten dat die wezentjes overal
zijn...
Je tandenborstel bijvoorbeeld, dat ziet er gruwelijk uit! bij alleen maar
een keertje afspoelen, blijven er genoeg resten achter die een kweekplaats
vormen voor bacteriën, en geloof me, dat ziet er erg genoeg uit dat je nooit
meer een tandenborstel in je mond zou willen steken!
Er wordt ook verteld dat al die beestjes hun eigen speciale nut hebben, ze
ruimen rommel op. Maar... het is natuurlijk logisch dat als we zorgen dat er
niets op te ruimen valt, we ook minder van die beestjes hebben. Als er al
een boodschap in dit boek zit, dan is het dat we moeten zorgen voor een goed
hygiëne.
De foto's op zich zijn prachtig, de uitleg is kort en duidelijk, een heel
interessant boek. Maarre.. jakkes!!
Hardcover 32 pagina's, isnbn 90 216 1551 7
"Yuck!" is oorspronkelijk verschenen bij Harper Collins, Londen. Het is
vertaald door Ank van Wijngaarden en voor Nederland uitgegeven door Ploegsma
Amsterdam. In 1997, vanaf ca. 9 jaar
© Marjo maart 2008
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
 |
 |
 |
 |
Charles Darwin
de evolutie op het spoor
Clint Twist
Charles Darwin was een jonge man van 22, toen hij onverwacht werd
uitgenodigd om mee te gaan op een reis op een onderzoeksschip, de Beagle.
Darwin had in 1831 zijn graad als academicus in de botanische wetenschap
gehaald, en moest nog een paar maanden een soort stage doen. Vanwege zijn
interesse in geologie werd hem gevraagd of hij -zonder betaling- mee wilde
om planten, dieren en fossielen over de hele wereld te verzamelen. Die
zouden dan naar Engeland gestuurd worden om te laten onderzoeken.
Vijf jaar lang was hij onderweg en het was bepaald geen prettige reis. Hij
had veel last van zeeziekte, en hij moest zijn toch al kleine hut aan boord
delen. Gelukkig kon hij vaak aan land gaan en daar, terwijl hij planten en
dieren verzamelde, verder reizen. Hij hield een logboek bij waarin hij zijn
vondsten schreef, maar ook een dagboek waarin hij zijn gedachten kwijt kon.
Want hier werd de kiem gelegd voor de evolutieleer, die we nu allemaal
kennen. Na zijn reis schreef Darwin boeken, over zijn reis, over
koraalriffen, maar nog niet over zijn theorie, want deze ideeën waren zeer
omstreden in die tijd. Toch waren er al meer wetenschappers die in die
richting dachten, zoals zijn eigen grootvader, Jean-Baptiste Lamarck, en
Alfred Wallace.
Toen deze laatste wilde publiceren, kwamen ze samen tot overeenstemming dat
Darwin de eerste zou zijn. En zodoende verbinden we tot op vandaag de dag de
naam van Charles Darwin aan het idee van de evolutietheorie.
In dit boek wordt heel uitvoerig ingegaan op de reis, maar ook maakt men
duidelijk wat de tijdsgeest was. En hoe men reageerde na de publicatie.
De theorie zelf wordt heel duidelijk uitgelegd, er staan illustraties en
foto's in, het is een zeer volledig boek, met een register en een
verklarende woordenlijst. En ook nog bij ieder hoofdstuk tips waar
weetgierige kinderen verder kunnen gaan zoeken voor informatie.
Ik heb geen enkel minpuntje te noteren...
isbn 90 72718 73 9
Londen, Evans, 1993
vertaald door P de Bakker, bewerkt door T Dijkhof
44 pagina's, Harmelen Ars Scribendi 1994 vanaf 11 jaar
© Marjo
februari 2008 Zie ook http://nl.wikipedia.org/wiki/Charles_Darwin
|
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
|
|
 |
 |
 |
 |
 |
|
 |
Ruik eens wat ik zeg
Jan-Paul Schutten
Dit boek gaat over de taal van planten en dieren. Natuurlijk praten ze niet
echt, maar het is verbazingwekkend om te lezen hoe ze elkaar tekens geven, en door middel van vleugelgeklepper, geluiden,
of gewoon een bepaalde stand van je kop aan een ander door kunt geven wat je voor boodschap hebt!
Mieren bijvoorbeeld, ik heb me altijd afgevraagd hoe het kan dat als een
mier iets lekkers gevonden heeft, dat binnen de kortste keren die plek
krioelt van de mieren! Het blijkt dus zo te zijn dat mieren een geurspoor
achterlaten. Dus terwijl die ene mier zijn buit nog aan het opruimen is in
de kast van de mierenhoop, rennen de anderen al enthousiast naar die plek!
Uitwerpselen zijn ook een prima manier van communiceren. We weten allemaal
wel waarom een reu steeds maar weer die poot optilt, tegen iedere boom of
paal (of been) die hij tegenkomt. Zo laat hij anderen weten dat deze plek
zijn territorium is. Maar nijlpaarden slingeren na de grote boodschap hun
poep met hun staart flink in de rondte... en het vrouwtje valt precies op dat
ene nijlpaard dat het verst kan slingeren.
Hoe een mannetje een vrouwtje vindt, dat is een van de voornaamste
doelstellingen van dit communiceren, maar ook eten en gevaar zijn
belangrijk.
Dit zijn boodschappen met zuivere bedoelingen, maar helaas... planten en
dieren liegen er ook op los. Er zijn orchideeën die er precies zo uit zien
als een bij en ook nog de geur van een vrouwtjesbij verspreiden. Als daar
een mannetjesbij op af komt, dan hij zit gevangen. Als hij onder het
stuifmeel zit, wordt hij weer losgelaten, en kan hij naar een volgende
orchidee vliegen. Zo bevruchten orchideeën elkaar.
Er staat ontzettend veel informatie in het boek, dingen die je al wel wist
naast dingen waar je je over verbaast, het is allemaal boeiend om te lezen.
Er staan helaas geen mooie kleurenfoto's ter illustratie, maar Sieb
Posthuma's tekeningen zijn ook heel mooi en humoristisch. Een voorbeeld:
bij het verhaal over dansvliegen die een prooi moeten vangen om zo een
vrouwtjesvlieg over te halen om te paren, daar staat een grappige tekening:
twee vliegen in vol huwelijksornaat, met aan hun voeten een dode vlieg,
triomfantelijk getoond door de mannetjesvlieg.
Er valt zoveel te vertellen over dit boek, maar je moet het zelf maar
lezen... enne... mensen zijn dus net dieren!
isbn 90 451 0029 0
2003 querido
120 pagina's non-fictie voor kinderen van 10 en ouder)
zwart-wit illustraties door Sieb Posthuma
© Marjo april 2008
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
 |
Het boek van de wolf
Marie Lagier & Serge Bloch
Dit is een heel apart boek : het begint met spreekwoorden en gezegden die
allemaal met de wolf te maken hebben. Op twee pagina's staat een enkel
spreekwoord, met uitleg. De rest van de ruimte wordt gevuld door
karikaturale tekeningen, van de wolf dus. Om een idee te krijgen: op de
omslag staat daar al een voorbeeld van.
Dan volgt het informatieve gedeelte over het leven de wolf, met mooie
foto's.
De tekst is gericht op kinderen, duidelijk, niet te ingewikkeld, en precies
datgene wat kinderen willen weten: de overeenkomsten en verschillen met onze
hond, hoe wolven met elkaar communiceren, het leven van pup tot volwassene
en nog meer.
Ik wist niet dat de ogen van een wolf verkleuren: de eerste vier maanden
blauw, tot een jaar of vier goudgeel, en daarna oranje! Duidelijk te zien
ook op de foto's.
Er wordt verteld hoe een roedel wolven een prooi omsingelt en overmeestert.
Als je ergens aan het wandelen bent en je ziet een spoor van wolven, moet je
weten dat het waarschijnlijk niet de sporen van een enkele wolf zijn, maar
van meerdere! Want wolven lopen in een rij achter elkaar en stappen daarbij
in elkaars voetsporen...
Oppassen geblazen dus! Al zal een wolf een mens alleen maar aanvallen als
hij echt razende honger heeft.
Toch volgen er verderop in het boek pagina's lang verhalen over hoe de mens
de wolf altijd heeft willen vernietigen, met verhalen uit de geschiedenis.
Daarvoor evenwel komt er nog een gedeelte met karikaturale tekeningen,
anders dan de eerste, maar wel weer over twee pagina's met een korte tekst
over hoe mensen door de jaren heen de vacht en lichaamsdelen van het beest
gebruikten als afweer tegen ziekten. Of: "Wie een reepje wolvenvacht om de
hals droeg, zou geluk hebben in de liefde".
Nog wat aantekeningen over de wolf als hoofdpersoon in sprookjes,
(teken)films en fabels en alles wat je over een wolf kan vertellen is
gezegd. Een prachtig boek!
Hardcover | 113 Pagina's | NBD/Biblion
ISBN10: 9077106014 | ISBN13: 9789077106013
vertaald door Barbara Simons, vanaf 10 jaar
© Marjo april 2008
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
 |
Pinguins zwemmen met hun vleugels
Beatrice Fontanel
Dit is een boek voor iedereen die geïnteresseerd is in pinguïns. Vooral
koningspinguïns komen aan de orde. Aan het eind van het boek worden de
andere zeventien soorten genoemd, en wordt er in het kort verteld waarin
deze soorten anders zijn en doen.
Het verhaal over het leven van een pinguïn geldt dus in het algemeen voor
alle soorten. Ze leven allemaal op Antarctica. Het zijn blijkbaar zeer
sterke beesten, zo zien ze er ook uit hè, onverstoorbaar staan ze daar in
ijsregens en windstormen.
De elementen vormen geen bedreiging voor hen. Wel de grotere dieren, vooral
in zee waar ze tenslotte toch heen moeten om te eten, want op het ijs is
helemaal niets te vinden. Op het ijs leggen ze ook hun eieren, twee keer in
de drie jaar kunnen ze een jong opvoeden. Hoe ze dat doen en hoe de jongen
opgroeien, dat vind je allemaal in dit boek. Met prachtige foto's en veel
informatie. Een heel duidelijk informatieboek voor kinderen vanaf een jaar
of tien.
isbn 90 532 9011 7
originele titel 'Le manchot, drole d'óiseau'
Vertaald uit het Frans door Eva King en Rien van Eck,
uitgegeven in 1990 door Europese
jeugdbladen Pers, Maastricht.
Serie Wapiti
© Marjo maart 2008
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
 |
Bomen
David Burnie
Ooit begon uitgever Dorling Kindersley met een serie informatieve boeken voor de
jeugd. Steeds een ander onderwerp werd onder de loep genomen, en vooral
aanschouwelijk gemaakt. Onderwerpen als ridders, de mens, hond, paard
enz..Het wordt encyclopedisch behandeld, en dan toegespitst op een enkel
thema.
Telkens zijn twee pagina's aan een deelonderwerp gewijd, met heel veel
plaatjes, en korte stukjes tekst.
Ik heb het boek over 'Bomen' gelezen, eigenlijk meer doorgekeken. Hoewel er
veel informatie te vinden is, is het vaak heel kort en summier. Het begint
met een korte uitleg van het deelonderwerp, bijvoorbeeld over enkelvoudige
bladeren, en dan zie je op die twee pagina's foto's van die bladeren,
waarbij staat welke boom het is, en waarom het speciaal is.
Elders laat men door middel van foto's zien wat er gebeurt met een boom die
alle ruimte heeft, en dat in tegenstelling met een boom die de ruimte met
vele anderen moet delen. Over de schors, over de knoppen, over de zaden is
veel te vertellen.
En er zijn hoofdstukken over verschillende soorten bomen, over de onderdelen
van een boom, over het einde, en over parasieten. Over luchtvervuiling en
over hoe je voor je bomen en bossen moet zorgen. En nog veel meer.
Ik wist niet dat nootmuskaat en foelie van een en dezelfde boom komt... of dat
heksenbezems virussen zijn en maretakken parasieten. En wisten jullie dat
kapok de inhoud is van de vrucht van de kapokboom?
Alle boeken uit deze serie zijn erg informatief, maar het is lastig om er
genoeg informatie uit te halen om daarmee zelf een werkstuk te maken. Daar
moet je immers juist een lopend verhaal maken, en hier worden alleen
brokstukjes aangeboden. Maar als 'boek ernaast' kun je er veel aan hebben.
En het is heel leuk om iets op te zoeken, of gewoon even door te snuffelen.
Isbn 90 02 16656 7, 64 pagina's,
Serie Ooggetuigen, uitgeverij Standaard Antwerpen
12 jaar en ouder
© Marjo maart 2008
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
|