|
 |
|
De jongen in de gestreepte pyjama
Op een dag komt Bruna, 11 jaar, thuis uit school (in Berlijn) en vindt op
zijn kamer het dienstmeisje, die een koffer op bed heeft staan en in zijn
spullen aan het rommelen is.
"Wat ben u aan het doen?" vroeg hij zo beleefd mogelijk. Terwijl hij had
willen schreeuwen "blijf van mijn spullen af!"
Maar het is het begin van een nieuwe periode: hij, zijn oudere zus, en hun
ouders gaan verhuizen. Veel wordt hem niet verteld, hij moet de
gebeurtenissen zelf interpreteren, en dat doet op "zijn jongetjes". Als
lezer begrijp je al snel dat zijn vader een nazi is, en dat hij opzichter
wordt in kamp Auschwitz, maar het kind snapt bijvoorbeeld niet waarom al
die mensen op het station zich blijven verdringen rond een overvolle trein,
terwijl er in de trein waar hij in zit, nog plaats genoeg is...
En de naam van het kamp kan hij niet goed uitspreken, het is Pools
natuurlijk, hij blijft het uitspreken als Oudwis -ook al maakt zijn zusje
hem wijzer. Hij verveelt zich gruwelijk in het nieuwe huis, waardoor hij
zelfs toenadering zoekt tot de bedienden, hoewel hij geleerd heeft dat hij
afstand moet houden, ze zijn niet zoals hij en het gezin, zegt zijn moeder.
Maar volgens hem zijn ze dat wel..en in zijn eenzaamheid stoort hij zich
steeds minder aan de regel van afstand. Dat levert problemen op: als ze net
zijn zoals hij, waarom gedragen ze zich dan niet net als hij? Waarom doen ze
steeds onderdanig wat hen gezegd wordt?
Door het raam in zijn kamer ziet hij buiten mensen, achter een hek, allemaal
met gestreepte pyjama's aan. Ook hier wordt hem niets over verteld, hij weet
niet beter dat die mensen kiezen er zelf voor.
"het leek wel een andere stad, waar de mensen allemaal woonden en werkten
vlak naast het huis waar hij woonde. En waren ze echt zo anders? Alle mensen
in het kamp droegen dezelfde kleren, van die pyjama's en van die gestreepte
mutsen; en alle mensen die door zijn huis zwierven (met uitzondering van
moeder, Gretel, en hemzelf) droegen uniformen van wisselende kwaliteit, met
verschillende versierselen en petten en helmen en felle rood met zwarte
mouwbanden en ze droegen wapens en keken altijd verschrikkelijk streng,
alsof het allemaal heel belangrijk was en niemand daar anders over mocht
denken.
'Wat was nou eigenlijk het verschil?' vroeg hij bij zichzelf af. En wie
maakte uit welke mensen de pyjama's droegen en welke mensen de uniformen?"
Niemand besteedt aandacht aan de jongen, hij verveelt zich, en hij gaat naar
buiten, op ontdekking. Als hij een eind langs de omheining heeft gelopen
ziet hij een 'stip die een vlek werd die een bobbel werd die een figuur werd
die een jongen werd' en hij maakt contact met de jongen, Shmuel. Even oud
zijn ze op de dag af, maar wat een wereld van verschil. Bruno begrijpt er
niet veel van, maar hij is blij met zijn vriend en iedere dag gaat hij naar
die plek..
Het is een schokkend boek. Het begint eigenlijk al meteen, als het tot je
doordringt dat de vader van Bruno een nazi is en dat ze verhuizen naar
Auschwitz. Door de ogen van een naïef jongetje wordt de vreselijke
geschiedenis van het kamp verteld. Het einde, ook vreselijk, is eigenlijk
onontkoombaar. Gruwelijk, maar helder en duidelijk verteld. Paperback | 205 Pagina's | De Boekerij | 2006
ISBN: 9069747820 Vanaf ca. 14 jaar Vertaler: J. de Jonge
© Marjo
|
|