 |
|
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
 |
|
De stille pijn van Luca
Luca, 19 jaar oud, gaat terug naar zijn geboortestreek in Kroatië. Hij heeft
dertien jaar in België gewoond, en al die tijd geen woord gesproken. Zijn
vader denkt dat de reis misschien wel therapeutisch zal werken. Inderdaad
komen de herinneringen boven, aan dat jongetje van zes dat niets begreep van
de veranderingen om hem heen. De oorlog brak uit. Ineens mocht zijn beste
vriend en buurjongen niet meer met hem spelen. Stiekum speelden ze toch
spelletjes: Kroaten vangen en verraders bespioneren.
Zijn ouders hadden oom Oljo in huis genomen, een simpele man, gek in de ogen
van anderen en soms in de ban van aanvallen. Luca en zijn oom konden het
goed met elkaar vinden. De verhalen over Baba Yaga, de heks uit een Russisch
sprookje verklaarden veel van zijn ooms aanvallen, en ze verklaarden ook
veel over de vreemde gebeurtenissen rondom hen. Dat er stenen door de
ruiten werden gegooid: het was Baba Yaja's schuld. De ganzen werden een voor
een gedood en bloedend voor de deur gelegd: Baba Yaga.
Alles wordt erger: oom Oljo is ineens weg, zijn vader gaat weg, en de dag
komt dat alles op zijn kop komt te staan.
"Wat had ze (=moeder) ook alweer gezegd? Hij wist het niet meer precies. Het was zo veel. Hij had niet echt geluisterd, maar
gekeken, want ma maakte kasten leeg en vulde zakken. Een stapel foto's in kranten gewikkeld. Sokken,
ondergoed, washandjes, zeep, broeken. Ondertussen aan één stuk pratend in
zichzelf. Zodat haar woorden verloren gingen, als knikkers die uit een
broekzak vielen, kletterend op de grond rolden en zich verborgen hielden in
spleten en gaten in de plankenvloer.
Haar vlugge handen stopten kleren weg en tussen haar lippen ontsnapten de
woorden, tegen niemand gezegd. Soms begreep hij iets. Maar het meeste
verdween weer in haarzelf.(....) Luca had één woord verstaan.
Het woord pa deed zijn ogen prikken en maakte zijn neus vochtig, zodat hij
moest snuiven en vegen. Dan kreeg hij snot op zijn vingers zoals
slakkensporen in de herfst. Hij wilde het niet. Het was zo lang geleden dat
hij pa nog had gezien. Drie maanden."
Luca, zus Jelena en moeder gaan op reis, met andere vluchtelingen. Luca
klampt zich vast aan zijn pop, en ondergaat alles, en probeert de
gebeurtenissen te begrijpen vanuit zijn simpele kinderlijke beleving.
'We kunnen altijd verraden worden en dan is het met ons gedaan.' De stem van
de man galmde iets te luid in de kerk. Enkele vrouwen sisten om hem tot
stilte te manen.
Waarom had ma hier niets van verteld? Door wie konden ze verraden worden?
Hij keek aandachtig om zich heen, op zoek naar het gezicht van een verader.
Hij wist hoe ze eruit zagen. Vanja had een stripboek over dieven en
stropers. Dieven droegen een zwarte doek voor hun mond om hun stem te dempen
wanneer ze uit stelen gingen. En verraders droegen een zwart masker met
kleine kijkgaatjes om hun ogen te verbergen, zodat je de leugen in hun blik
niet kon zien."
Wat hij meemaakt voor hij in België arriveert, maakt dat hij niet meer wil
praten. Het is te erg voor woorden..
Dit boek, ook genomineerd voor de Thea Beckmanprijs, is mooi en vooral
aangrijpend. Deze oorlog is nog niet zo lang geleden, en zal misschien meer
leven bij de lezers van dit boek dan een boek over een andere oorlog. Het
vreselijke wordt niet breeduit verteld, maar is duidelijk genoeg. Ik las dat
er kleine foutjes in zitten, kinderen uit een Kroatisch katholiek gezin
zouden nooit namen als Luca en Jelena hebben gekregen, die zijn typisch
Servisch, maar ik zou dat niet geweten hebben.
Het verhaal van Luca, een jongen van zes, wiens wereld 'zomaar' totaal
verandert, zal een diepe indruk achter laten. Hardcover | 207 Pagina's | Uitgeverij Clavis | 2005
ISBN: 9044803794
© Marjo Voor meer informatie over Kristien Dieltiens, klik op de afbeelding
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
|
|
 |
 |
 |
 |
 |
|
 |
|
De moedervlek
Een jeugdboek dat pakt en zoals mijn grootmoeder pleegt te zeggen “aan je ribben blijft plakken”.
Sarah zit in een inrichting voor wat ze noemen probleemjongeren. Ze heeft ernstige psychologische problemen die ze diep in
zichzelf wegsluit. Ze krast ze weg en klampt zich vast aan de zelfgemaakte littekens op haar armen.
Sarah werd verkracht, meerdere malen misbruikt, al van toen ze klein was. Door een vriend van haar moeder. Alleen wil ze dat
zelf niet weten. Ze verdringt herinneringen en haar psycholoog Hans ontdekt een meervoudige persoonlijkheid ontstaan door
de verdringing van het trauma. Eén van die persoonlijkheden weet en erkent de volledige waarheid, maar die valt nu
eenmaal
niet zo gemakkelijk naar boven te halen. Sarah is Saartje, Amira en De Stem. Hans laat haar schrijven, schrijven, schrijven.
Hij geeft haar de kans om ook Sarah te worden. Maar dat is een moeilijk proces. Eentje waarin ze gelukkig gesteund wordt door
een aantal mensen. Zo is er de begeleider Toon die haar vraagt te babysitten. Op die manier ontdekt ze hoe oprecht, warm en
hecht een gezin kan zijn.. .
Zo zijn er Yvonne en haar man Rino. Yvonne die steeds voor haar moeder gewerkt heeft en die blijknaar niét blind en
doof was
voor wat er gebeurde. Want dat was Sarahs moeder wel. Hoe dat komt, komen we pas op het einde te weten. In elk geval heeft
het gedrag van haar moeder de band tussen haar en Sarah ernstig verstoord. Onherstelbaar, zo lijkt wel. Er is Mémé,
die
intussen in een tehuis zit voor dementerenden. Mémé die voor haar een veilige haven was, iemand bij wie ze even
adem kon halen,
ook al was mémé even blind en doof. En er is Djamel, die nieuwe jongen die net is aangekomen in de instelling,
en voor wie
ze vlinders blijkt te voelen. Hij is het die haar haar vertrouwen in mannen teruggeeft, voorzichtig.
Hoe het eindigt, is een verrassing. Ik viel als lezer echt uit de lucht, had het einde helemaal niet aan zien komen. Dat was
wel boeiend want elders waren er een aantal elementen die naar mijn mening het verhaal met momenten in de weg zaten. Zo is
de blik die we als lezer op Sarah of op een van haar facetten krijgen, een nogal psychologisch getinte. Ik vind de beeldrijke
taal soms wel storend, het omfloerst te veel, ook al begrijp ik er de functie wel van. Op die manier komt het wellicht belerender
over dan ooit bedoeld. Ik denk dat dit een meeleefboek is, en al zeggen beelden meer dan duizend woorden, hier is dat belerende
verre van op zijn plaats.
Desalniettemin ben ik blij kennis gemaakt te hebben met deze schrijfster, die bewijst dat ze gevoelige onderwerpen aandurft
en er dan ook nog eens boeken over kan schrijven zonder in meligheden of clichés te belanden.
Echt een goed boek! Hardcover | 298 Pagina's | Uitgeverij Clavis | 2002
ISBN: 9068229303 © Elvira januari 2007
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|
|
|