|
Luna's doolhof
Luna, dertien jaar oud, is zichzelf en de wereld aan het ontdekken. Samen
met vriendinnen probeert ze de school dragelijk te houden, waarbij een
bepaalde leraar de enige is die haar lijkt te begrijpen.
Thuis is de situatie niet al te rooskleurig: haar vader is werkeloos en Luna
kan aan de muziek die hij draait aflezen in wat voor stemming hij is. Als er
ondanks zijn inspanningen niets verandert, dan draait hij Lucia de
Lammermoor, operamuziek...
Best mooi, vindt Luna, maar het had nu een akelige bijsmaak gekregen voor
haar.
In een schrift verzamelt Luna mooie zinnen die haar opvallen, zoals
"laten we deze vogel beschermen, zodat de arend nooit uitsterft"
Luna ziet zichzelf ook als een arend: "schuilt er diep in mij een arend
die, gedragen door de wind, zich vrij wil worstelen en steeds hoger klimt?"
Ze wonen in een buurt met veel allochtonen, en zo ziet ze hoe tegenover hun
huis een gezin uitgezet wordt. Zomaar met alles wat ze hebben de straat op.
Daarna komt er een groep illegalen in te wonen. Recht tegenover haar eigen
kamer kan ze een jongen zien, een magere jongen met ingevallen buik en
afhangende schouders. Hij rookt, hij schrijft brieven, en doet spelletjes
kaart met mannen die dan ook zijn kamer binnenkomen. Ze raakt gefascineerd,
het laatste wat de doet voor ze naar bed gaat en het eerste dat ze doet voor
ze opstaat: gordijnen open en kijken...
Is ze verliefd? Ze maakt het zichzelf in ieder geval wijs.
Maar de droom die ze zo graag wil, lijkt een nachtmerrie te worden als de
jongen haar op een avond achtervolgt en de bosjes intrekt. Toch is het niet
zozeer de daad van de jongen die haar verward en rot laat voelen, het is
haar reactie erna. Thuis en op school.
Als ze haar hart uitstort bij die ene leraar besluit die een weekend op
retraite te gaan met de klas.
Een mooie psychologisch uitgediept portret van een pubermeisje. Aantal bladzijden: 154 Clavis, 2003, ISBN 9044800485 vanaf
13 jaar
© Marjo juli 2007
|